ons

Gelukkig!

De zon scheen en de eekhoorn en de mier zaten in het gras aan de oever van de rivier.
Boven hen ruiste de wilg, voor het kabbelde het water, terwijl in de verte de lijster zong.
Volgens mij, zei de eekhoorn, ben ik nu gelukkig.
De mier zweeg en kauwde op een grassprietje.
Ik denk, zei de eekhoorn, dat ik nooit gelukkiger kan zijn dan nu.
Nou… zei de mier, En als er nu eens een honingtaart voorbij zou komen vliegen met een briefje erop: voor de eekhoorn en de mier……..?
Ja, zei de eekhoorn. Dan zou ik nog gelukkiger zijn.
Maar gelukkiger dan dat is onmogelijk.
Nou….zei de mier, Als ik nu eens van plan was op reis te gaan en ik zou zeggen: eekhoorn, ik ga niet, ik blijf bij jou, goed?……..
Ja, zei de eekhoorn. Je hebt gelijk.
Dan zou ik nog gelukkiger zijn…….
En als de krekel vanavond een heel groot feest gaf, en als je nu plotseling een brief met een uitnodiging van de walvis kreeg, en als de zon vandaag niet meer onder zou gaan, en als alles rook naar verse beukennoten…………?
De eekhoorn zweeg.
Hij keek naar het glinsterende water en dacht: dus ik ben eigenlijk helemaal niet zo gelukkig………
Hij keek schuin opzij naar de mier.
Maar de mier had zijn ogen dicht, kauwde op het grassprietje en liet de zon op zijn gezicht schijnen.
Wat ben ik dan? Dacht de eekhoorn. Als ik niet heel gelukkig ben.

Toon Tellegen

Green